Het WO staat voor de uitdaging de onderwijsprogramma’s in de Bachelor-/Masterstructuur op elkaar af te stemmen. Samenwerking én concurrentie met het HBO is een aandachtspunt. Huisvesting moet kwalitatief hoogstaand en onderscheidend zijn.
De universiteiten kenmerken zich door twee kernactiviteiten die onderling sterk verweven zijn: Onderwijs en Onderzoek. Daarnaast spelen universiteiten een belangrijke rol in de verdere ontwikkeling van het concept van “Een leven lang leren”. Dit vereist een grote mate van flexibiliteit en een goede afstemming op de marktvraag. Concurrentie en internationalisering zijn daarbij sleutelbegrippen. Kwaliteitsverbetering is hét middel om sterker te staan in de (internationale) concurrentie om de student. Universiteiten willen daarom investeren in zowel talentvolle jonge onderzoekers als in toponderzoek. Dat vraagt zware investeringen, ook in de huisvesting. Immers toponderzoekers wensen topfaciliteiten voor hun researchactiviteiten. Bovenstaande ontwikkelingen in het primaire proces stellen bijzondere eisen aan de huisvesting. De noodzakelijke onderwijsinnovatie vraagt om andere onderwijsgebouwen met veel mogelijkheden voor zelfstudie, minder collegezalen en meer kleine onderwijsruimten. Multifunctionaliteit en flexibiliteit zijn noodzakelijk om de nieuwe onderwijsconcepten te ondersteunen. Naast deze verbeteringen in het onderwijs, blijkt dat het hebben van moderne en aantrekkelijke onderwijsgebouwen een krachtig instrument is. Huisvesting wordt derhalve vaak niet meer gezien als kostenpost, maar als concurrentiemiddel.